Voorbije zondag 25 augustus 2019 is Bert Verhoye (74 j.) overleden. Daags tevoren bracht Tom Lanoye, in een interview in De Morgen, hem nog in herinnering: “Toen Bert Verhoye in 1974 een satirisch toneelstuk maakte over Cyriel Verschaeve kwam het bij elk van de honderd voorstellingen tot rellen, ondanks de bescherming van de rijkswacht. Geregeld stront in de brievenbus, plus een brandbomaanslag in theater ’t Natiepeerd – what’s in a name?”

Bert Verhoye had West-Vlaamse roots. Op zijn zeventiende ruilde hij Tielt voor Brussel. Hij ging er studeren aan het RITCS (voluit Royal Institute for Theatre, Cinema and Sound). Op zijn twintigste won hij het Humorfestival van Heist. “Ik had wat cursiefjes opgetekend in een schriftje en las die voor. Niet meer, niet minder. Te nemen of te laten”, vertelde hij daarover aan Apache. Na zijn studies stapte Bert Verhoye in de journalistiek, maakte hij met zijn kompanen satirische radioprogramma’s en schreef hij zijn eerste theaterstukken.

Bij De Nieuwe Gazet, het Antwerps broertje van Het Laatste Nieuws, zorgde hij onder andere voor de veelgelezen rubriek ‘Minimaal’ dat een vaste plek veroverde op blz. 2 van de krant. Een bundeling van allerlei berichten die de krant niet haalden voor een volwaardig artikel, aangevuld met grapjes en persoonlijk commentaar. Later kreeg ‘Minimaal’ met ‘Koro’ een opvolger bij Apache.

Toen in 1973 de Vlaamse Militanten Orde (VMO) de stoffelijke overschotten van priester-dichter en collaborateur Cyriel Verschaeve in Oostenrijk uit het graf opdiepte en naar het West-Vlaamse Alveringem bracht, ging Bert Verhoye een kijkje nemen op een meeting van de VMO over hun ‘Operatie Brevier’. “Hoog tijd om dit te demythologiseren”, dacht Bert Verhoye en hij begon een toneelstuk te schrijven. Geld om theater te maken had hij niet. Herman Van Veen hielp hem uit de nood.

Het was niet alleen in Antwerpen dat het tot rellen kwam. Het Gentse studentenblad Schamper (waaruit bovenstaande foto van Bert Verhoye in de jaren negentig) bracht 21 oktober 1974 zo in herinnering: “Enkele tientallen VMO’ers, gewapend met fietskettingen, stokken met nagels, flessen en allerlei andere geïmproviseerde wapens vallen (gesteund door leden van het TAK, Were-Di, KVHV) woest de Blandijnberg aan. Hun doel: de opvoering verhinderen van het toneelstuk ‘Verschaeve’ dat op verzoek van het (liberale, AS) LVSV en het (maoïstische, AS) MLB in Auditorium E zou opgevoerd worden. Gevolg: enkele zwaargewonden, een charge van de politie en enkele dagen later de oprichting van een overkoepelende organisatie ‘Anti-Fascistisch Front’ dat tot taak had de vrije meningsuiting te waarborgen en alsnog het stuk in Gent opgevoerd te krijgen.” (Schamper nr. 306, 4 maart 1993). Voor de goede orde: Schamper sprak over het Gentse AFF, het Antwerpse AFF was al een jaar eerder opgericht.

Links: fragment uit ‘Vlaams Blok: 20 jaar rebel. 1977-1997’, met de ‘Uit zelfbevrediging’-affiche; rechts: de affiche voor het volgend theaterstuk.

Na de ‘Zwarte Zondag’ van 24 november 1991 en het zeventigpuntenplan dat Filip Dewinter op 6 juni 1992 presenteerde, schreef Bert Verhoye achtereenvolgens de theaterstukken ‘Uit zelfbevrediging. De afwendbare opkomst van Karel D.’ en ‘Pak ‘em Filip’. Het Vlaams Blok had campagne gevoerd met twee bokshandschoenen, Bert Verhoye maakte er voor de affiche van ‘Uit zelfbevrediging’ twee gebruikte condooms van. Voor ‘Pak ‘em Filip’ gebruikte hij een echte foto: Filip Dewinter die de 17-jarige kleinzoon van de socialistische volkszanger John Lundström laat kennismaken met de keien op de Meir in Antwerpen.

Bert Verhoye en het door hem opgerichte De Zwarte Komedie was nog veel meer. Bert Verhoye was op zijn eentje de Vlaamse ‘Charlie Hebdo’ die God noch gebod ongemoeid liet. De Zwarte Komedie was de vruchtbare bodem voor veel talent: Tom Lanoye die er zijn eerste stappen zette als literair performer, Guido Belcanto die er zijn eerste levensliederen zong, Loes Van den Heuvel en Noureddine Farihi die er op de planken stonden vooraleer wereldberoemd in Vlaanderen te worden als respectievelijk Carmen in FC De Kampioenen en Mo in Thuis…

De Zwarte Komedie hield het 36 jaar uit. In 2015 moest het gezelschap en de theaterzaal aan de rand van de Antwerpse prostitutiebuurt de deuren sluiten nadat achtereenvolgens de Vlaamse en de stedelijke subsidies wegvielen. “En nu wordt De Zwarte Komedie vermoord. Niet door Syriëstrijders, al hadden we dat door onze aanhoudende spot over alles wat naar godsdienstwaan neigt, wel kunnen verwachten”, schreef De Zwarte Komedie in een persmededeling. “Nee, het is de stad Antwerpen, die de laatste subsidiekraan voor dit theater dichtdraait. Dat is veel efficiënter dan de medewerkers neerschieten. En ’t maakt minder lawaai.”

Bert Verhoye was er toen al niet meer bij. Na een zware hartoperatie had hij de deur van zowel de krant als het theater achter zich dichtgetrokken. Hij verhuisde naar de Ardennen. Eerst naar het boekendorp Redu, waar toen ook nog onderzoeksjournalist en mede-antifascist Hugo Gijsels woonde; later naar Le Mesnil, vlakbij de grens met Frankrijk.

Uitgegeven door uitgeverij C. de Vries-Brouwers, Antwerpen – Rotterdam.

De laatste keer dat we Bert Verhoye nog ontmoet hebben, was toch nog in zijn theaterzaaltje in Antwerpen waar op 3 oktober 2013 zijn boek ‘Vijf jaar in de Ardennen’ werd voorgesteld. “Voor mon copain. Zeer hartelijk”, schreef Bert Verhoye in ons exemplaar. Zijn eerste exemplaar kreeg Bert Verhoye uit handen van de liberale eregouverneur Camille Paulus. Bert Verhoye was immers een liberaal in hart en nieren. Maar dus ook antifascist, nadat zijn vader tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Duitsland moest toen die 19 jaar was en Bert Verhoyes moeder zwanger moest achter laten, en antifascist gebleven. Zo scherp als hij met zijn pen was, zo zacht was hij ook als mens. We verliezen een echte ‘copain’.

Advertenties