Vorige week dinsdag en woensdag kon je hier analyses lezen over de Zwarte Zondag van 24 november 1991, de politieke doorbraak van het Vlaams Blok dertig jaar geleden. In de zomer voorafgaand aan 24 november 1991 werd Blokbuster opgericht door leden van Vonk, een groep marxisten actief binnen de socialistische partij en vakbond, waaruit een groep mensen vertrok om de Linkse Socialistische Partij (LSP) op te richten. Blokbuster-woordvoerder Geert Cool is tevens hoofdredacteur van het LSP-maandblad en de LSP-website. Blokbuster gaat echter breder, mobiliseert met haar antifascistische boodschap en acties meer mensen dan er zouden afkomen op een LSP-activiteit. De naam Blokbuster is geïnspireerd op de populaire film Ghostbusters waarin drie mannen een bedrijf oprichten om spoken te verjagen. Dezer dagen is overigens een vervolg op die film te zien in de cinemazalen, Ghostbusters Afterlife. Naar aanleiding van dertig jaar Blokbuster schreef Geert Cool een inhoudelijk sterk boek, dat ook nog fraai is uitgegeven.

Geert Cool nam in het najaar van 1993 voor het eerst deel aan een actie van Blokbuster. In Roeselaere organiseerde hij een scholierenstaking tegen racisme, wat hem een schorsing als scholier opleverde, die een blijvend engagement niet tegenhield. Achtereenvolgens wordt in zijn boek Consequent antifascisme de dreiging van extreemrechts en al wat ons verdeelt toegelicht, de geschiedenis van het klassiek fascisme van Benito Mussolini en Adolf Hitler opgediept, extreemrechts na de Tweede Wereldoorlog geschetst, de ervaring van dertig jaar Blokbuster gedeeld, en staat Geert Cool stil bij verschillende antifascistische strategieën, om te besluiten met een antifascistisch manifest. Too much information om allemaal te verwerken in deze recensie. Te meer de auteur vlot van de situatie bij ons switcht naar de situatie in het buitenland, tot en met het India van Narendra Modi. Voor wie hem niet kent: een politicus uit dezelfde categorie als Donald Trump, Jair Bolsonaro en Viktor Orbán.

Volgens de in de Verenigde Staten docerende Nederlandse politiek wetenschapper Cas Mudde, gespecialiseerd in politiek extremisme en populisme, zijn we tegenwoordig met uiterst rechts in een vierde golf beland. In 1945-1955 was er het neofascisme, met bijvoorbeeld de postfascistische MSI in Italië. In 1955-1980 was er het rechtse populisme, met onder andere de Poujadisten in Frankrijk. In 1980-2000 kwam radicaal rechts op, met bijvoorbeeld het Front National in Frankrijk. Met de vierde golf (2000-…) zijn we in een periode waarin uiterst rechts mainstream werd. Geert Cool vindt ook dat uiterst rechts mainstream is geworden, maar is het niet eens met het onderscheid dat Mudde maakt tussen ‘radicaal rechts’ en ‘extreemrechts’. De eerste groep wil in tegenstelling tot de tweede groep veranderingen via parlementaire weg en niet via geweld. Geert Cool vindt die opdeling “te kunstmatig. Het gaat niet om intenties, maar om wat deze krachten betekenen in de maatschappelijke verhoudingen. De groei van populistisch rechts geeft extra zelfvertrouwen aan krachten die een stapje verder willen gaan inzake fysieke actie.” Ook Vincent Scheltiens en Bruno Verlaeckt verwerpen de opdeling van Cas Mudde en houden het bij ‘extreemrechts’.

“Van Grieken was een straatvechter in zijn scholieren- en studententijd.” (foto © AFF).

Toen Tom Van Grieken in 2014 de nieuwe Vlaams Belang-voorzitter werd, dachten sommigen dat dit een breuk met het verleden was. Geert Cool: “Van Grieken was nochtans zelf een straatvechter in zijn scholieren- en studententijd, dat hebben we zelf ervaren”. Waarna het verhaal volgt over een aanval op drie linkse politieke activisten en een vierde student die op 1 maart 2007 in Antwerpen aangevallen werden door een groep NSV’ers onder aanvoering van Tom Van Grieken. “De militanten wisten toen nog niet wie Van Grieken was. Bij het indienen van een klacht bij de politie wisten ze bij de ordediensten meteen hoe laat het was en werd gesuggereerd dat het wellicht om een vaste klant bij vechtpartijen op café ging, met name een Mortsels VB-gemeenteraadslid (Tom Van Grieken dus, AS)”. Twee maanden later was er in Antwerpen een gelijkaardig incident, en in Brugge hield Tom Vandendriessche zich onledig met geweldpleging – nu Vlaams Belang-Europarlementslid en naaste adviseur van Tom Van Grieken.

Een andere mythe die Geert Cool in zijn boek onderuit haalt, is dat het Vlaams Belang een sociale partij zou zijn. In de concurrentiestrijd met de N-VA heeft het Vlaams Belang een aantal socialere standpunten ingenomen, maar in de praktijk is het anders. Zo stemde het Vlaams Belang in 2012 mee de wetgeving die mogelijke loonsverhogingen beperkt, en bij stakingen tegen het asociaal beleid van de regering-Michel in 2014 zette een KVHV-student een sociale mediacampagne op onder de noemer ‘Wij staken niet mee’ – waarna hij prompt aangeworven werd als sociale mediastrateeg van het Vlaams Belang en nu voor die partij parlementslid is. Toen de Gentse afvalophalers in 2018 het werk neerlegden tegen de onhoudbare werkdruk kwam er geen steun van het Vlaams Belang. Integendeel. Dries Van Langenhove maakte een filmpje waarin hij met enkele medestanders vuilniszakken ophaalde om de staking te breken. Wat hij overigens maar net zo lang volhield als de camera draaide. Superrijken die nauwelijks belasting betalen, worden niet geviseerd door het Vlaams Belang. Klimaatactivisten en asielzoekers wél.

Hoe de dreiging van extreemrechts aanpakken? Geert Cool: “Een systeem in crisis creëert ruimte voor de electorale groei van extreemrechts. Massamobilisatie is het beste antwoord om te vermijden dat extreemrechts de straat of het publieke debat kan domineren. (…) In onze mobilisatie kunnen we niet vertrouwen op het establishment of de staat. We moeten de werkenden en jongeren organiseren en onze collectieve kracht inzetten. Dit zal op zich niet volstaan om extreemrechts te stoppen: doorheen onze acties moeten we een alternatief bieden op het kapitalisme, zodat het terechte wantrouwen en de afkeer voor het kapitalisme niet kunnen gekaapt worden door reactionaire rechtse krachten. De enige oplossing op lange termijn is om een einde te maken aan dit krankzinnig systeem.”

In het hoofdstuk over het klassiek fascisme van Mussolini en Hitler wordt haarfijn uitgelegd hoe beide fascisten aan de macht konden komen na niet doorgedreven opstanden vanuit de werkende klasse. In het hoofdstuk over extreemrechts na de Tweede Wereldoorlog wordt onder andere verduidelijkt hoe het Vlaams Blok/Belang gelinkt is aan de collaboratie. Van bijvoorbeeld Roeland Raes, tot 2001 ondervoorzitter van het Vlaams Blok, die de Belgische contactpersoon is voor het blad van de naar Argentinië gevluchte collaborateurs, tot Vlaams Belang-parlementslid Jan Laeremans die aan een krant zegt geen probleem te hebben met Carrera Neefs als die bloemen gaat neerleggen aan het graf van een Nederlandse vrijwilliger voor de SS… zolang ze het niet op Facebook toont.

“Jobs, geen racisme” is een klassieker in het repertoire van Blokbuster (foto’s © AFF).

Aks extreemrechts vandaag sterker staat dan voorheen, en er meer ‘normalisering’ is van haar standpunten, is dat volgens Geert Cool niet zozeer door de impact van de sociale media (al investeert het Vlaams Belang daar véél in). Niet door het Vlaams Belang dat zich properder voordoet dan het is, en ook niet door een verrechtsing bij de bevolking. Volgens Geert Cool is de belangrijkste reden de “ondermijning van de autoriteit van het systeem”. Het vertrouwen in de instellingen (politieke partijen, gerecht, massamedia…) gaat naar beneden. Mensen werden de voorbije decennia meer en meer behandeld als individuen. Er zou geen klassenstrijd meer zijn. “Wie zijn tegenstander kan laten geloven dat er geen strijd is, kan die gemakkelijker winnen.” Bij afwezigheid van collectieve antwoorden vanuit de arbeidersbeweging zoeken veel mensen de reden voor hun dalende levensstandaard bij de komst van vluchtelingen, de rol van corrupte politici… Rechtse populisten spelen daar met succes op in.

Het antwoord van Blokbuster is strijd voor sociale eisen. “Jobs, geen racisme” bijvoorbeeld is een klassieker in het repertoire van Blokbuster. Maar uiteindelijk moet het gaan om een totale omwenteling. Geen kapitalisme meer, maar democratische socialistische planning. Hoe dat laatste moet, wordt in het slothoofdstuk als verrassend einde van het boek meegegeven. Dat laatste hoofdstuk heeft als titel Antifascistisch manifest, en verschilt niet qua opbouw van andere hoofdstukken. Van een Antifascistisch manifest verwachten wij een korte, krachtige opsomming van punten waarvoor men wil strijden én hoe men die zaken wil bereiken. Er is ons maar één foutje opgevallen: de brandstichting in wat een opvangcentrum voor asielzoekers moest worden, was niet in Bree maar in Bilzen. Even verderop in Limburg. Het boek bevat een schat aan gegevens. Er worden tot en met onderzoeksresultaten over het buiten spelen geciteerd om te argumenteren, maar een degelijke bronvermelding ontbreekt. Die voetnoten missen we. Zoals bij het boek van David Pestieau.

Het hoofdstuk over dertig jaar Blokbuster geeft een overzicht van de voornaamste activiteiten, alle ups maar ook alle downs. Men is daar eerlijk in. Merkwaardig is wel dat men niet lang stilstaat bij wat wij toch een belangrijke krachttoer vinden: bij de betogingen van het NSV, afwisselend in de studentensteden Leuven, Gent en Antwerpen, richt Blokbuster telkens een tegenbetoging in die steeds twee en meer keer volk lokt dan de NSV-betoging. Jaar na jaar zakt het aantal betogers langs beide kanten – een fenomeen dat ook aan bod had mogen komen – maar de Blokbuster-betoging blijft altijd dubbel en meer zo groot als de NSV-betoging. Dat mocht meer in de verf gezet worden, en verdient felicitaties.

Geert Cool, Consequent antifascisme. Het verhaal van Blokbuster, Uitg. Marxisme.be, 138 blzn., 12 euro. Hier te bestellen.

Zoals ook de foto helemaal bovenaan, Blokbuster-groep in een betoging tegen Schild & Vrienden in Gent in 2018. Merk op: veel jonge betogers (Foto’s © AFF).