Na het optreden van de Britse skagroep Madness (denk aan Night Boat to Cairo, One Step Beyond en andere nummers) op 10 november 2017 in De Roma in Borgerhout, zagen we warempel Tom Van Grieken de zaal verlaten. Dat was twee jaar later, op 10 november 2019, anders bij het optreden van The Specials in De Roma. Toen hebben we geen Vlaams Belang-voorzitter gezien. The Specials, waarvan zanger Terry Hall, zanger-gitarist Lynval Golding en bassist Horace Panter uit de originele bezetting er nog steeds bij zijn (v.l.n.r. op de foto hierboven © The Specials), hebben hun vrolijke skamuziek immers vanaf het begin gekoppeld aan protestliederen. Denk aan Ghost Town over het verval van de Britse steden, de hoge jeugdwerkloosheid en de woede daarover, en het om juridische redenen onder de naam The Special AKA uitgebrachte Free Nelson Mandela. Ze zijn ook antiracisten, om te beginnen met de gemengde samenstelling van de groep: blanken en zwarten. En verzorgden optredens op antifascistische bijeenkomsten. Met Saffiyah Khan erbij in 2019 werd nog een feministische toets toegevoegd, maar ook de antifascistische traditie verdergezet. Voor hun nieuwste plaat is de skamuziek overboord gegooid en zijn twaalf protestliederen uit de periode 1924-2012 in andere muziekstijlen hernomen.

Na het comeback-album Encore uit 2019 plande The Specials een reggae opvolger te maken, maar corona verhinderde dat. Lynval Golding werd ziek door corona en Terry Hall worstelde met een writer’s block tijdens de lockdown. Het idee groeide om een coveralbum van protestsongs te maken. De moord op George Floyd en de daaropvolgende Black Lives Matter-beweging was de aanleiding. Lynval Golding, die in de Verenigde Staten woont, was bij meerdere BLM-protesten aanwezig en putte hoop uit de jonge generatie die het protest trok. Uit een lijst van een vijftigtal protestnummers belanden er uiteindelijk twaalf op een nieuw album. The Specials zijn altijd al geweldige vertolkers geweest van het werk van anderen. Denk aan A Message To You Rudy en Monkey Man. De dominante sfeer en stijl is deze keer evenwel niet ska maar folk.

Opener is Freedom Highway van The Staple Singers uit 1965. Geschreven voor de Selma to Montgomery-marsen om zwarten ook in de praktijk stemrecht te geven in de Verenigde Staten. Het tweede nummer is Everybody Knows van Leonard Cohen (1988). Een keuze van Terry Hall die er naar eigen zeggen een “Sly and Robbie- of Grace Jones-achtige sfeer aan heeft gegeven zonder afbreuk te doen aan de laconieke manier waarop Leonard Cohen het origineel maakte. “De armen blijven arm, de rijken worden rijk. Dat is hoe het gaat. Iedereen weet het.” Nummer drie is uit 1967: I Don’t Mind Falling In This World van Malvina Reynolds, een tijdgenoot van Pete Seeger. Over zachtheid en respect voor de werkende man/vrouw. Het vierde nummer is Black, Brown and White dat meerdere keren werd opgenomen (1938, 1947…) door Big Bill Broonzy die Britse blues grootheden als John Mayall en Jeff Beck inspireerde. Een wrang commentaar op de discriminatie van zwarte Amerikanen.

The Specials in De Roma in Borgerhout in 2019 (foto © AFF).

Het vijfde nummer is het oudste: uit 1924, maar misschien bestond het daar vóór al. Ain’t Gonna Let Nobody Turn Us Around. De tekst werd in 1927 gedrukt in het boek Forty Negro Spirituals en werd in 1962 opgepikt door de burgerrechtenbeweging in de Verenigde Staten. Nummer zes, Fuck All The Perfect People, is het recentste nummer. Uit 2012, geschreven door Chip Taylor die ook Wild Thing van The Troggs schreef. Een lied geschreven met de gevangenen in gedachten. Nummer zeven dan: My Next Door Neighbour uit 1957. Het is belangrijk om over zaken als burgerrechten te praten, maar wat doe je met je buur die je stofzuiger niet teruggeeft? Dat is ook iets om tegen te protesteren. Het achtste nummer is Trouble Every Day van Frank Zappa & Mothers of Invention uit 1966. Over een man die tijdens de Watts-rellen een winkel afbrandt en niet nadenkt over waar hij de volgende dag zijn melk gaat halen nu hij de winkel heeft afgebrand.

Op negen: Listening Wind van Talking Heads, uit het Remain in Light-album (1980). Terry Hall vond dat hij het zelf niet goed kon zingen en haalde daarom de jonge zangeres Hannah Hu erbij. Over een man die ziet hoe de imperialistische Westerse wereld zijn land overneemt. Het tiende nummer is I Live in A City van de al eerder vermelde Malvina Reynolds uit 1960. Iets kinderlijks, maar ook belangrijk omdat het gaat over gelijkheid. We hebben samen deze wereld gemaakt, en moeten dan ook samen voor elkaar zorgen. Het elfde nummer is Soldiers Who Want To Be Heroes van Rod McKuen, een Amerikaan die veel tijd doorbracht in Europa en Jacques Brel naar het Engels vertaalde. Soldiers Who Want To Be Heroes is in 1963 opgenomen, vóór de grootschalige betrokkenheid van de Verenigde Staten in Vietnam, en werd met het in 1971 opnieuw opnemen een bekend anti-oorlogslied.

Het twaalfde en laatste nummer op het nieuwe album is Get Up, Stand Up van Bob Marley uit 1973. Een nummer dat Bob Marley en Peter Tosh schreven na een tournee in Haïti waar mensen in de grootste armoede onder een dictatoriaal regime leefden. In alle eerlijkheid: wij vinden dat de The Specials-versie niet opweegt tegen het origineel van Bob Marley. Maar smaken verschillen uiteraard. Bij het Britse muziektijdschrift New Musical Express kreeg het nieuwe The Specials-album vier sterren op vijf.

Het hele Protest Songs 1924-2012-album vind je op cd en vinylplaat, maar is ook integraal te beluisteren op Spotify en andere muziekkanalen Wie er vlug door wil met korte fragmenten kan terecht bij deze YouTube-video.

Naast cd en vinylplaat, ook buttons (foto’s © Facebook/Terry Hall en RV).