Voorbije zondag 3 en maandag 4 oktober 2021 waren er gemeenteraadsverkiezingen in 1.200 van de 7.900 Italiaanse gemeenten. Er werd daarbij sterk uitgekeken naar het resultaat van Fratelli d’Italia (“Broeders van Italië”) die in een recente opiniepeiling landelijk als sterkste partij naar voren kwam. Het is een partij met (neo)fascistische wortels die geleid wordt door de 44-jariga Giorgia Meloni (foto hierboven © RV. Het kruis over het logo van Fratelli d’Italia/Giorgia Meloni is geen teken van ‘weg ermee’, maar van het uitbrengen van een stem voor Fratelli d’Italia/Giorgia Meloni). In Rome en Triëst haalt de kandidaat van rechts de meeste stemmen, en binnen het rechtse blok is Fratelli d’Italia de sterkste partij. In Rome met 17,4 % van de stemmen; in Triëst met 15,5 % van de stemmen. In andere grote steden als Milaan, Turijn, Napels en Bologna is de kandidaat van links het sterkst. Omdat in Rome, Triëst en Turijn geen kandidaat meer dan 50 % van de stemmen behaalde, is er in die steden over twee weken een tweede stemronde tussen de twee sterkste kandidaten. Enrico Michetti is de rechtse kandidaat-burgemeester voor Rome ingevolge een akkoord tussen Fratelli d’Italia, de Lega van Matteo Salvini en Forza Italia van Silvio Berlusconi. Volgens de Italiaanse pers vooral op aandringen van Fratelli d’Italia.  

Fratelli d’Italia, de grote winnaar in Rome, omschrijft zichzelf als “een beweging die tot doel heeft een politiek programma uit te voeren gebaseerd op de principes van volkssoevereiniteit, vrijheid, democratie, rechtvaardigheid, sociale solidariteit, verdienste en fiscale rechtvaardigheid”. Dat klinkt goed, maar de partij is de belangrijkste erfgenaam van de Italiaanse neofascistische beweging met de Movimento Sociale Italiano (MSI, 1946-1995) en de Alleanza Nazionale (AN, 1995-2009) als uitlopers van het Mussolini-tijdperk. Eind 2012, drie jaar nadat de Alleanza Nazionale opging in de ‘Popolo della Libertà’-partij rond zakenman Silvio Berlusconi, scheurt een deel zich af van de partij van Berlusconi. De groep noemt zich Fratelli d’Italia (FdI), naar de eerste woorden van het Italiaans nationaal volkslied. Het zijn in meerderheid voormalige leden van de Alleanza Nazionale, en daar verwijst men dan ook naar in het aanvankelijk logo van Fratelli d’Italia. Intussen is die expliciete verwijzing verdwenen, maar  de vlam met Italiaanse kleuren als bij de neofascistische AN en MSI is behouden. Partijvoorzitter Giorgia Meloni begon haar politieke loopbaan overigens als 15-jarige bij de jeugdbeweging van de MSI, om vervolgens de studentenorganisatie van de AN te leiden.

In haar autobiografie Io sono Giorgia distantieert Giorgia Meloni zich van de cultus van het fascisme, maar nogal wat partijleden zijn zware aanhangers van Benito Mussolini (1883-1945). In oktober 2019, een klein jaar vóór de regionale verkiezingen in Marche, in Centraal Italië, organiseren hooggeplaatste Fratelli d’Italia-leden in  Marche een diner ter gelegenheid van de verjaardag van de Mars op Rome. De opmars van de zwarthemden naar Rome in oktober 1922 die Mussolini’s machtsovername inluidde en de weg opende voor de fascistische dictatuur. Eén van de deelnemers aan dit herdenkingsdiner is Fratelli d’Italia-lid Francesco Acquaroli die sinds vorig jaar voorzitter is van de regionale raad van Marche. In Verona bracht de FdI-jeugdorganisatie Gioventu Nazionale hulde aan de Belgische Standartenführer van de Waffen-SS en oorlogsmisdadiger Léon Degrelle, en zo zijn er nog ‘helden’ uit die periode die gehuldigd worden in kringen van Fratelli d’Italia.

De opeenvolgende officiële partijlogo’s maken duidelijk van wie Alleanza Nazionale en Fratelli d’Italia zich de opvolger beschouwen, met om te beginnen het neofascistische Movimento Sociale Italiano (MSI) (foto’s © RV).

Terwijl ze vroeger vooral fan waren van de Lega van Matteo Salvini zijn neofascistische bewegingen als CasaPound en Forza Nuova nu fan van Fratelli d’Italia. Zoals de Lega stemt Fratelli d’Italia in het Europees Parlement bijvoorbeeld tegen een resolutie die alle vormen van racisme, haat en geweld veroordeelt, en tegen een resolutie waarin de Europese Unie zich een vrije zone verklaart voor LGBTQ-mensen, maar Fratelli d’Italia zet nog een stap verder die het heimwee naar het fascisme verraadt. Fratelli d’Italia-medeoprichter Ignazio La Russa stelde bij het begin van de verspreiding van het coronavirus voor om de onhygiënische handdruk te vervangen door de fascistische groet, bij ons bekend als de Hitlergroet. Fratelli d’Italia stelde ook voor om 25 april als dag waarop in Italië de bevrijding van het fascisme wordt gevierd, af te schaffen en te vervangen door een dag ter herinnering aan de slachtoffers van het coronavirus. Zoals 25 april tot nu toe gevierd werd, bracht toch maar “verdeeldheid” met zich mee (sic).

Fratelli d’Italia teert niet alleen op nostalgici van het fascisme. De ruk naar rechts in het traditioneel linkse Marche werd voorafgegaan door de aardbeving in augustus 2016 in Centraal Italië. De centrum-linkse premier Matteo Renzi beloofde een snelle heropbouw van de verwoeste steden en gemeenten, maar daar kwam weinig van in huis. In februari dit jaar werd Italië’s derde regering in drie jaar tijd gevormd. Onder leiding van Mario Draghi, voormalig voorzitter van de Europese Centrale Bank, werd een regering van nationale eenheid samengesteld die ook de steun kreeg van de Lega en van de populistische Vijfsterrenbeweging (M5S). Alleen Fratelli d’Italia steunde de nieuwe regering niet. Nu die regering de torenhoge verwachtingen niet kan inlossen, profiteert Fratelli d’Italia daarvan. Ze is de enige partij die in de opiniepeilingen erop vooruitgaat ten overstaan van de laatste nationale verkiezingen. In een opiniepeiling op 17 september 2021 is Fratelli d’Italia met iets meer dan 20 % van de stemmen al nipt populairder dan de Lega, de zusterpartij van het Vlaams Belang.

Over het Vlaams Belang gesproken, de N-VA is ook niet veraf van extreemrechts in Italië. In het Europees Parlement zijn de zes Europarlementsleden van Fratelli d’Italia lid van de Europese fractie van Conservatieven en Hervormers, samen met Geert Bourgeois, Assita Kanko en Johan Van Overtveldt, de Europarlementsleden van de N-VA.

De gemeenteraadsverkiezingen zijn voor Fratelli d’Italia slechts een tussenstap in de verovering van de macht. Partijleidster Giorgia Meloni, die in 2008-2011 al minister van Jeugd en Sport was onder Silvio Berlusconi, mikt erop om na de volgende parlementsverkiezingen, die in principe tussen begin 2022 en half 2023 worden gehouden, de eerste vrouwelijke premier van Italië te worden. Meer dan 75 jaar na de dood van Mussolini valt Italië dan in handen van een partij die haar historische wortels heeft in het (neo)fascisme.

Verkiezingsmeeting in Bologna waar Fratelli d’Italia bij de gemeenteraadsverkiezingen met 12,6 % van de stemmen eveneens de sterkste rechtse partij werd (foto © Fratelli d’Italia).