Na de brandstichting in Bilzen in de nacht van 10 op 11 november 2019, brandstichting in wat een asielzoekersopvangcentrum moest worden, werd onder historici gediscussieerd over de vraag of de jaren dertig terug zijn. De jaren die het nationaalsocialistisch regime van Adolf Hitler voorafgingen. De politieke pyromanen van de jaren dertig zijn terug van weggeweest argumenteerde Herman Van Goethem (Universiteit Antwerpen). Nico Wouters (CegeSoma) vond dat je met evenveel legitimiteit de fundamentele verschillen met de jaren dertig kan benadrukken. Wat zou Liz Fekete er over denken? Zij leidt een Europese onderzoeksprogramma van de in Londen gevestigde denktank Institute for Race Relations en is redacteur van het tijdschrift Race & Class. Uitgeverij EPO publiceerde zopas, onder de titel Zijn de jaren dertig terug? Nieuw Rechts in Europa, de vertaling van haar in 2017 gepubliceerd boek Europe’s Fault Lines. Racism and the Rise of the Right (foto Liz Fekete hierboven © EPO).

Een twee, drie jaar geleden verschenen boek vertalen over een thema dat nog volop in evolutie is, is een risico. Een aantal vragen die de auteur zich stelt, hebben intussen een antwoord gekregen. Vertaler Jan Reyniers loste dat op door een aantal voetnoten toe te voegen. Toen het boek geschreven werd, was de rechtszaak tegen de Duitse neonazistische Nationalsozialistischer Untergrund (NSU), verantwoordelijk voor tien moorden, twee bomaanslagen en veertien bankovervallen, nog bezig. In een voetnoot wordt de uitspraak van de rechtbank over de enige overlevende van het NSU-trio, Beate Zschäpe, vermeld. Anderzijds is zo’n ‘gedateerd’ boek interessant als blijkt dat de beschreven fenomenen bevestigd worden. Een corruptieschandaal dat, met jaren vertraging, bekend geraakt rond de Oostenrijkse bloedbroeders van het Vlaams Belang, de FPÖ en haar toenmalige leider Jorg Haider? In mei 2019 was het weer van dat met de FPÖ en Haiders opvolger Heinz-Christian Strache.

Het boek is opgedeeld in vier delen. We overlopen elk kort. Om te beginnen schetst Liz Fekete een stand van zaken van extreemrechts en reactionair rechts in Europa. Met ‘extreemrechts’ bedoelt de auteur groeperingen die gebruik van geweld niet uitsluiten en geassocieerd kunnen worden met een ultranationalistisch of fascistisch verleden. Opvallend is soms de betrokkenheid van mensen uit de veiligheidsdiensten. De chef van een onderzoek naar het Griekse neonazistische Gouden Dageraad was ook de belangrijkste informant van Gouden Dageraad; in Duitsland wemelt het van mensen uit de veiligheidsdiensten binnen extreemrechtse tot neonazistische groeperingen… die men vaak laat begaan (Slechts de jongste maanden lijkt daar verandering in te komen met het verbieden van Blood & Honour / Combat 18, de huiszoekingen bij Reichsbürger en het verbieden van Nordadler, AS). ‘Reactionair rechts’ zijn voor de auteur partijen rechts van de traditionele conservatieve partijen die niet terugschrikken voor een racistisch discours. Als reactionair rechts de macht verovert in stadhuizen en op regeringsbanken wordt ze snel even blasé en zelfzuchtig als de traditionele elites die ze eerder op de korrel nam. Met reactionair rechts floreren private beveiligingsfirma’s, en daar profiteert extreemrechts dan weer van. In de Duitse deelstaat Brandenburg, die rond Berlijn ligt, schatten veiligheidsdiensten dat één op de tien gekende neonazi’s in de private veiligheidsindustrie werkt.

In oktober 2014 schoot Pegida (Patriotische Europäer gegen die Islamisierung des Abendlandes) uit de grond in Dresden (Duitsland). Een eerste betoging van deze anti-islambeweging bracht 200 mensen op de been, drie maanden later liepen er al 25.000 mensen mee in Dresden. Pegida kreeg navolging in heel Europa. Volgens Liz Fekete gaat het om “racistische mobilisaties van onderuit”. Toch mag volgens ons de rol van bestaande organisaties niet onderschat worden. Pegida Vlaanderen werd achter de schermen aangestuurd door mensen uit het Vlaams Belang en uit Voorpost. Toen Vlaams Belang en Voorpost zélf in de kijker wilden staan, was het gedaan met Pegida Vlaanderen. Lutz Bachmann, die Pegida opstartte in Dresden en op 9 januari 2016 in Antwerpen was (eerste van links achter de spandoek van Pegida Vlaanderen, foto © AFF), woont volgens Liz Fekete intussen op het Spaanse eiland Tenerife waar hij een winkeltje uitbaat.

Deel twee behandelt de structurele verschuiving naar rechts. Het begint met auteurs zoals Michel Houellebecq die in zijn boek Soumission Frankrijk beschrijft in 2022 als het geregeerd wordt door een moslim, president dankzij een alliantie tegen het Front National (FN). Of nog: intellectuelen zoals Éric Zemmour die na de IS-aanslagen in Parijs in een radio-interview zei dat Frankrijk “in plaats van Raqqa (in Syrië) te bombarderen, dat beter in Molenbeek (Brussel) zou doen”. Het gaat verder met centrumlinks dat nieuw rechtse ideeën overneemt (zoals de Duitse sociaaldemocraat Thilo Sarrazin die in een in 2010 verschenen boek stelt dat Duitsland zichzelf afschaft) en centrumrechts dat te keer gaat (denk aan de Nederlandse liberale premier Mark Rutte die tijdens een verkiezingscampagne in 2017 paginagroot adverteerde “Doe normaal of ga weg”). In dat klimaat worden wetten goedgekeurd die de deportatie van vreemdelingen mogelijk maakt bij het minste vergrijp.

Deel drie. In zowat heel Europa steken nationalistische en nativistische (‘eigen volk eerst’) politieke stromingen de kop op. In West-Europa in tijden van verplaatsing van kapitaal en investeringen. Fabrieken die bij ons gesloten worden, waarna gelijkaardige bedrijven in lage loonlanden opgericht worden. In Oost-Europa bij de overgang van een planeconomie naar de vrije markt. Met afgeven op migranten en het idee van een ‘christelijke natie’ leven in te blazen, proberen politieke leiders de aandacht af te leiden van hun eigen onbekwaamheid om hun volk te beschermen tegen de ravage die het neoliberalisme aanricht. Landen als Hongarije en Polen zetten de Europese Unie (EU) onder druk om vluchtelingen niet op te vangen, en ontmantelen zaken die de voorwaarde waren voor hun toetreding tot de EU zoals een onafhankelijke pers en onafhankelijke rechters. In Duitsland zet de alsmaar rechtser worden Alternative für Deutschland (AfD) de regeringspartijen onder druk, en in Frankrijk worden machtsstructuren om terrorisme te bestrijden ingezet om sociale protestbewegingen in te tomen.

Liz Fekete bekritiseert de deradicaliseringsprogramma’s in Scandinavië, Duitsland en elders om neonazi’s hun handel en wandel te laten veranderen. Mogelijk is de auteur gefrustreerd omdat men Tommy Robinson heeft toegejuicht toen hij opstapte bij de English Defence League (EDL). Zijn opstappen bij de EDL had evenwel niets te maken met enig deradicaliseringsprogramma, en Tommy Robinson is een onverbeterlijke racist gebleven. Geert Wilders en Filip Dewinter gingen in Londen pleiten voor zijn vrijlating uit een gevangeniscel, dan weet je genoeg. Maar er is wel kritiek mogelijk op deradicaliseringsprogramma’s: bijvoorbeeld in welke mate nemen neonazi’s er niet enkel aan deel om strafvermindering te krijgen?, of nog: is deradicalisering mogelijk als er niet vooraf enig schuldinzicht is?

Het vierde en laatste deel hekelt de private beveiligingsindustrie die is ontstaan. Overheidstaken die uitbesteed worden aan privéfirma’s die als eerste doel natuurlijk winst maken hebben, en er alle belang bij hebben dat onveiligheidsgevoelens opgeklopt worden. Het gamma dat zij aanbieden wordt alsmaar groter. Denk aan G4S dat naast klassiek bewakingspersoneel ook gevangenissen levert en asielzoekersopvangcentra wil uitbaten. Liz Fekete eindigt haar boek met een oproep om zich te verzetten tegen de verrechtsing. De groei van de private beveiligingsindustrie en de oproep tot verzet samen in één deel van het boek is wel raar. Dat kon anders.

Liz Fekete: “In een bekrompen en meer autoritaire staat, waar het verleidelijke fineerlaagje van het kapitalisme wordt vervangen door zijn lelijke, brutale, roofzuchtige essentie, zullen er onvermijdelijk tegenbewegingen ontstaan die zich verzetten tegen het racisme, het nativisme, de geldhonger van het bedrijfsleven en tegen het reactionaire sociale beleid van rechts.” (foto: Hart boven Hard-betoging 12 mei 2019 © AFF).

De oorspronkelijke titel Europe’s Fault Lines. Racism and the Rise of the Right (“Europa’s breuklijnen. Racisme en de opkomst van rechts”) dekt beter de lading van het boek dan de Nederlandstalige titel Zijn de jaren dertig terug? Nieuw Rechts in Europa. Nergens in het boek wordt immers een vergelijking gemaakt met de jaren dertig in de vorige eeuw á la Herman Van Goethem en Nico Wouters, of Christophe Bush. Over de opkomst van rechts in Europa in zijn verschillende varianten, van klassieke neonazi’s en “kravattennazi’s” tot reactionaire regeringsleiders, en de voedingsbodem ervan (de dominantie van rechtse opvattingen, de vreemdeling als vijand, de nationalistische reacties…) bevat het boek wél interessante kennis. Het zijn tendensen die blijven voortduren, waar dringend halt aan toe moet geroepen worden.

Liz Fekete (vertaling en redactionele bewerking: Jan Reyniers), Zijn de jaren dertig terug? Nieuw Rechts in Europa, uitg. EPO, 220 blzn., 20 euro.