Morgen is het 8 mei, en dat mag een feest- en vrije dag worden. Natuurlijk, in deze coronatijd wordt elke feestdag slechts een digitaal evenement. Maar daarvan af. Als 11 november een feest- en vrije dag is als herinnering aan het einde van de Eerste Wereldoorlog in 1918, moet 8 mei zeker een feest- en vrije dag worden omwille van de dag in 1945 waarop de onvoorwaardelijke overgave van Nazi-Duitsland ondertekend werd en er plaats kwam voor vrijheid en democratie. Om de gruwelijkheden uit de Tweede Wereldoorlog te voorkomen keurde de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties vervolgens op 10 december 1948 de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens goed. Omdat fascisme evenwel altijd kan terugkeren, moet 8 mei ook een dag zijn waarop gewaarschuwd wordt voor nieuwe vormen van fascisme en de gehechtheid aan vrijheid, democratie en mensenrechten onderlijnd wordt. En dat doe je niet op een dag als een ander, maar op een feest- en vrije dag.

Herman Van Goethem pleitte voorbije dinsdag in De Afspraak nogmaals voor 8 mei als feest- en vrije dag. De Antwerpse historicus en universiteitsrector was te gast bij Phara de Aguirre naar aanleiding van de volgens meerderen beklijvende toespraak die de Nederlandse koning Willem-Alexander voorbije maandag hield bij de herdenking van de doden uit de Tweede Wereldoorlog. Maar daar houdt het in Nederland niet bij op. Na de ‘Nationale Dodenherdenking’ op 4 mei volgt in Nederland steevast ‘Bevrijdingsdag’ op 5 mei. Een dag vol festiviteiten in heel het land, dit jaar natuurlijk anders door de coronacrisis.  

De bevrijding van de Duitse bezetting in Nederland begon op 12 september 1944 in het zuiden van het land. Op 5 mei 1945 was heel Nederland bevrijd. In 1946 besloot de Nederlandse regering 5 mei als ‘Bevrijdingsdag’ te vieren. Vanaf 1958 werd de ‘Bevrijdingsdag’ om de vijf jaar gevierd, maar vanaf 1990 werd het terug een jaarlijkse nationale feestdag. Het is daarom nog geen vrije dag voor iedereen. Enkel als het in een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) zo is afgesproken, is 5 mei een vrije dag voor arbeiders, bedienden en ambtenaren.

Net zoals in Nederland gingen er maanden over vooraleer heel België bevrijd was. In België viel de keuze op 8 mei, de dag van de ondertekening van de overgave van Nazi-Duitsland, om met een nationale feestdag het einde van de Tweede Wereldoorlog te vieren. In 1974 werd die feest- en vrije dag om besparingsredenen afgevoerd  door de regering-Tindemans I. Herman De Croo, toenmalig minister van Nationale Opvoeding, in Het Nieuwsblad online: “Het waren financieel moeilijke jaren. (…) Onze economie was fel gehavend (door de oliecrisis in 1973, AS), de staatskas raakte leeg en de overheid zocht nieuwe middelen om meer belastinggeld binnen te krijgen. Een feestdag schrappen, zou helpen. Want dat was een werkdag meer, dus waren er meer belastinginkomsten. De regering keek direct naar de maand mei, dé feestdagmaand: er was 1 mei (het Feest van de Arbeid), 8 mei (het einde van de Tweede Wereldoorlog), Onze-Lieve-Heer-Hemelvaart en pinkstermaandag. Vier betaalde feestdagen in één maand (…). Premier Leo Tindemans (CVP, nu: CD&V) besliste 8 mei te schrappen als feestdag.“

Daar was geen verzet tegen, minstens toch niet in Vlaanderen. Sommigen vonden de bevrijding geen feest waard. Integendeel. “Het Vlaams-nationalisme ging toen openlijk de strijd aan tegen ‘de repressie’ – de vervolging en bestraffing van collaborateurs tijdens de Tweede Wereldoorlog”, zegt Herman Van Goethem. “Tijdens hun jaarlijkse hoogtepunt, de IJzerbedevaart in Diksmuide, scandeerden ze met een paar tienduizenden met de vuist in de lucht: ‘Amnestie nu!’.” Het waren ook de jaren waarin een herziening van de rechtszaak tegen Irma Laplasse geëist werd. Irma Laplasse is een West-Vlaamse vrouw die, vlak vóór de bevrijding van de streek tussen Diksmuide en de kust, verzetsstrijders van de Witte Brigade heeft verraden. De Duitsers konden zo nog zeven Vlaamse verzetsstrijders doden. Laplasse is na de oorlog door het krijgshof veroordeeld en terechtgesteld. Een herziening van haar proces volgde in 1995 en eindigde in 1996 met het opnieuw schuldig bevinden van Irma Laplasse. Postuum werd ze veroordeeld tot levenslange hechtenis en het vervallen van haar burgerrechten.

Herman Van Goethem in De Afspraak (foto © VRT).

Toch was 8 mei na 1974 hier en daar nog een feest- en vrije dag. Voor het Antwerps stadspersoneel werd 8 mei begin jaren tachtig een verlofdag onder impuls van ACOD-vakbondssecretaris Guy Lauwers en de socialistische schepen voor personeelszaken Ivonne Julliams, maar na de fusie van Antwerpen met zeven randgemeenten in 1983 verdween die verlofdag bij de harmonisatie van de verlofdagen voor het personeel uit de acht voormalige gemeenten. De kortstondige 8 mei als verlofdag voor het Antwerps stadspersoneel was overigens geen extra vrije dag: in ruil verviel Allerzielen als vrije dag. In het onderwijs was 8 mei langer een verlofdag, maar ook die werd bij een rationalisering afgeschaft. We deden navraag bij ACOD-Onderwijs wanneer juist 8 mei werd afgeschaft als feest- en vrije dag, maar het enige wat men zich nog herinnerde was dat het onder de socialistische minister van onderwijs Luc Van den Bossche was (staatssecretaris voor onderwijs in 1988; minister van onderwijs in 1992-1998).

Herman Van Goethem heeft bij herhaling gepleit voor het (terug) invoeren van 8 mei als feestdag. Hij deed dat onder andere in De Morgen van 16 augustus 2017 naar aanleiding van de discussie die in de Verenigde Staten woedde rond bepaalde monumenten, en eerder in De Morgen van 5 juli 2017.

Op die laatste opiniebijdrage kwam een repliek van Paul Cordy (N-VA) om niét van 8 mei een feestdag te maken. Paul Cordy is ‘districtsburgemeester’ van Antwerpen na het vertrek van Zuhal Demir naar Limburg in 2016. Na het ontslag van Jan Hofkens in september 2016 werd Paul Cordy als diens opvolger Vlaams parlementslid. Bij de verkiezingen op 25 mei 2019 geraakte Cordy niet verkozen als parlementslid, maar hij is naar eigen zeggen de man die inspireerde om het opstellen van een Vlaams canon op te nemen in het jongste Vlaams regeerakkoord.

Paul Cordy haalde in zijn repliek op Herman Van Goethem zowat alles boven opdat 8 mei toch maar niet een feestdag zou worden. Voor Cordy volstaat het dat 11 november geëvolueerd is “naar een herdenking van (…) alle oorlogsslachtoffers”. Nochtans pleiten slachtoffers van het naziregime zoals de Joodse bevolking en de politieke gevangenen voor een specifieke herinnering aan het lijden onder het nazisme en de overwinning op het nazisme. Cordy vindt het einde van de Eerste Wereldoorlog belangrijker omdat onder andere vanaf dan “de Vlaamse Beweging een politieke factor wordt”. Ook 9 november vindt Cordy belangrijker. Paul Cordy: “9 november, de dag dat de Berlijnse Muur viel, kan meer aanspraak maken op de status van feestdag voor de democratie dan 8 mei”. Het einde van het communisme belangrijker dan het einde van het fascisme. Tja.

Links: Paul Cordy (foto © cc. Wikipedia). Rechts: 8 mei-actie van Die Linke (foto © cc. Flickr).

In Frankrijk is 8 mei nog steeds een nationale feestdag en vrije dag voor iedereen. Bij ons zijn er enkel plaatselijke initiatieven zoals van het 8 mei-comité in Gent (bij wie we de illustratie helemaal bovenaan ontleenden) dat oproept om morgen, vrijdag 8 mei 2020, om 15 uur de The Last Post of The Battle is Over te spelen, dan wel een minuut stilte te houden, en daarvan een filmpje te maken dat terecht zal komen in een compilatie. Het gelijknamig comité in Mechelen heeft haar 8 mei-activiteit omwille van de coronacrisis uitgesteld naar zondag 18 oktober 2020.

Het War Heritage Institute roept naar aanleiding van de 75ste verjaardag van de bevrijding op om een kaarsje te branden, en daarbij een foto van een geliefde of held uit de oorlogstijd te zetten. Er is ook een Facebookpagina waarop je een en ander kan plaatsen. Sellah Sue sluit de dag daar op 8 mei om 23.01 uur af met haar versie van We’ll Meet Again van Vera Lynn.

Allemaal goed, maar dat kan beter!

Koen Aerts: “Maak van 8 mei een feestdag. Op voorwaarde dat de herdenking geen simpel ritueel wordt met holle frasen en vlaggenvertoon.” (foto © AFF).

Naschrift. In een interview dat vandaag, vrijdag 8 mei 2020, in De Morgen verscheen, vult historicus Koen Aerts aan: “In Duitsland gaan er in de deelstaten ook stemmen op om 8 mei in te voeren als officiële herdenkingsdag. Daar zouden ze de bevrijding van het nationaal-socialisme willen herdenken, ook als een waarschuwing tegen extreemrechts dat er weer opduikt. Bij ons is de feestdag afgeschaft in 1974, in de context van de federalisering van het land. Al sinds de jaren 1950 is de herinnering aan de oorlog bij ons communautair geladen, door de band van het Vlaams-nationalisme met de collaboratie. Daarom was 11 november, het einde van de Eerste Wereldoorlog, een veel veiligere feestdag om de beide oorlogen te herdenken. Gezien de impact van de Tweede Wereldoorlog op onze maatschappij zou ik ook van 8 mei een feestdag maken. Op voorwaarde dat de herdenking geen simpel ritueel wordt met holle frasen en vlaggenvertoon.”